dinsdag 12 februari 2013

Paus treedt af

Zoals iedereen onderhand wel weet zal Paus Benedictus XVI op 28 februari gaan aftreden. Ik roep al mijn lezers op om uit dankbaarheid voor al het goeds dat hij voor de Kerk heeft gedaan een Te Deum te bidden. Verder roep ik iedereen op om het Veni Creator te bidden voor een goede afloop van het Conclaaf, dat spoedig bijeengeroepen zal worden. Het gebed voor de Paus, dat nu nog in de zijbalk staat, zal ik hieronder plaatsen. In de zijbalk komt dan het gebed ter ere van de H. Geest (votiefmis voor de keuze van een paus) en het gebed dat gezegd moet worden op de dag van de keuze van de paus, zodat het er op tijd op staat, te staan. We zullen Benedictus XVI gaan missen. Zijn aftreden geeft in ieder geval een bijzondere wending aan de Vastentijd. Elk jaar weer voelt de Vastentijd als een nieuw begin, om met Christus op Pasen te verrijzen. Nu zal de Kerk dat 'nieuwe begin' nog duidelijker gaan doormaken.

v. Laat ons bidden voor onze H. Vader, Paus Benedictus.
r. De Heer spare hem en behoude hem in het leven, en make hem zalig op aarde en levere hem niet over aan de wil zijner vijanden.
v. Almachtige eeuwige God, ontferm U over uw dienaar, onze Paus Benedictus, en bestier hem volgens uw goedertierenheid op de weg van het eeuwige leven, opdat hij door uw gunst begere hetgeen U behaagt en het met alle kracht volbrenge. Door Christus, onze Heer.
r. Amen.

donderdag 6 december 2012

Prefatie Onbevlekte Ontvangenis

Omdat ik in de statistieken van dit weblog zag dat er gegoogled wordt naar de prefatie van de Onbevlekte Ontvangenis, hier de prefatie van de H. Maagd Maria.

Prefatie van de H. maagd Maria (oude ritus) - Latijn
Vere dignum et justum est, aequum et salutare, nos tibi semper et ubique gratias agere: Domine sancte, Pater omnipotens, aeterne Deus: Et te in

Annuntiatione,
Visitatione,
Assumptione,
Nativitate,
Praesentatione,
Conceptione immaculata,
Transfixione,

Commemoratione,

Festivitate,

Veneratione,

beatae Mariae semper Virginis collaudere, benedicere et praedicare. Quae et Unigenitum tuum Sancti Spiritus obumbratione concepit: et, virginitatis gloria permanente, lumen aeternum mundo effudit, Jesum Christum, Dominum nostrum. Per quem majestatem tuam laudant Angeli, adorant Dominationes, tremunt Potestates. Caeli caelorumque Virtutes ac beata Seraphim, socia exsultatione concelebrant. Cum quibus et nostras voces, ut admitti jubeas, deprecamur, supplici confessione dicentes:

Prefatie van de H. maagd Maria (oude ritus) - Vertaling
Waarlijk passend en rechtvaardig is het, billijk en heilzaam, dat wij U, Heer, heilige Vader, almachtige, eeuwige God, altijd en overal danken en dat wij U loven, zegenen en prijzen om
de Boodschap (25 maart),
het Bezoek (2 juli),
de-ten-hemel-Opneming (15 aug.),
de Geboorte (8 sept.),
de Opdracht (21 nov.),
de Onbevlekte Ontvangenis (8 dec.),
de Doorboring (O.-L.-Vr.-van-smarten, vrijdag in de passieweek en 15 sept.),
de Gedachtenis (O.-L.-Vr.-van-de-Karmel, 16 juli),
de Feestviering (op de andere feesten van Maria),
de Verering (in de votiefmissen van Maria),
van de heilige Maria, altijd maagd. Want door de overschaduwing van de Heilige Geest heeft zij uw eniggeboren Zoon ontvangen; en met behoud van de luister harer maagdelijkheid heeft zij over de wereld gebracht het eeuwig licht, Jesus Christus, onze Heer. Door wie de engelen uw heerlijkheid loven, de heerschappijen haar aanbidden, de machten haar in diepe eerbied erkennen, de hemelen en de krachten der hemelen en de gelukzalige serafijnen haar jubelend bezingen. Wij bidden U, dat Gij ook onze stemmen met de hunne wilt aanvaarden, in nederige erkentelijkheid zeggend:

zondag 18 november 2012

6e zondag na Driekoningen.

Vandaag worden de lezingen genomen uit de Mis van de 6e zondag na Driekoningen: een van de Missen die we in die tijd niet hebben gelezen en die nu, aan het eind van het jaar, worden genomen.. In de Mis lezen we vandaag Matth. XIII 31-35.
Eerst dus maar de bijbehorende Evangelietekst, daarna het commentaar van Pater Lagrange bij de gelezen passage.

Evangelietekst (genomen uit de Petrus Canisiusvertaling):
Mosterdzaad
Brood bereid met zuurdesem










Een andere gelijkenis stelde Hij hun voor, en sprak: Het rijk der hemelen is gelijk aan een mosterdzaadje, dat iemand op zijn akker zaaide. Het is wel het kleinste van alle zaden, maar als het is opgewassen is het groter dan het tuingewas, en wordt het een boom, zodat de vogels in de lucht in zijn takken komen nestelen. — Nog een andere gelijkenis sprak Hij tot hen: Het rijk der hemelen is gelijk aan zuurdeeg, dat een vrouw onder drie maten meel mengde, totdat het meel geheel was gegist. Dit alles zeide Jesus tot de menigte in gelijkenissen, en zonder gelijkenis sprak hij hun niet toe; opdat vervuld zou worden, wat door den profeet was voorzegd: "Ik zal mijn mond openen in gelijkenissen, en openbaren, wat verborgen was van de grondvesting der wereld af."
(Mat 13:31-35)
Commentaar:

Parabel van het mosterdzaadje.

Lc. XIII 18-19. Mc. IV 30-32. Matth. XIII 31-32.

Bij voortduring is Jesus er op bedacht, te voorkomen, dat het volk en zelfs de leerlingen aanstoot zullen kunnen nemen. "Het Rijk Gods" vertoonde zich in hun verbeelding als iets geweldigs. Met welk een schittering zou het naar buiten treden, daar de Wet op de Sinai reeds met zooveel plechtigheid was afgekondigd! De Wet was ten slotte, in heel den loop der historie een mislukking geworden door den slechten wil van het volk. Maar dat zou juist het kenmerk zijn van het Rijk Gods, dat het met dwingende macht alles zou overheerschen en zich plotseling zou uitstrekken tot de uiteinden der aarde. Een eeuw te voren had het boek der Jubileeën het aangekondigd: "Voor aller oogen zal de Heer verschijnen en allen zullen weten, dat ik God van Israël ben."
Het getuigenis van de Sybille, die bij de heidenen in hoog aanzien stond, werd zelfs aangehaald: "Alsdan zal God van de zon een koning zenden, die den rampzaligen oorlog over geheel de wereld zal doen beëindigen." Zelfs de Phariseën, die minder uitbundig waren in hun beschrijvingen van het Godsrijk dan de apocalyptische zieners, hoopten toch, dat de openbaring van God op plotselinge wijze een afgeheelen omkeer zou te weeg brengen: "Op U ook hopen wij, o onze God, om spoedig getuigen te mogen zijn van de grootheid Uwer macht en om de afgoden van de wereld te zien verdwijnen; de valsche goden zullen dan geheel worden vernietigd." Waar dan ook de propheten spraken van de komst van God, daar zien wij, dat vaak de Joodsche vertalers de openbaring van God synoniem achtten met Zijne tegenwoordigheid. In plaats van de tegenwoordigheid van den verborgen God lezen zij Zijn verblindend schitterende openbaarmaking.
Niet zoo is de opvatting van Jesus. Hij vergelijkt het Rijk Gods niet slechts met een graankorrel, maar met een nog kleiner zaadje, met het bijna onzichtbare mosterdzaadje. Alle ijdele min of meer theatrale voorstellingen worden op zij geschoven, en de aandacht van de toehoorders wordt terug geleid op de inwendige kracht, op welke alleen het aankomt. Maar hoe gering ook in den aanvang het Rijk Gods moge lijken, het zal zoodanig uitgroeien, dat het in staat zal zijn in zijn takken alle vogelen des hemels te beschutten. Datzelfde Rijk, dat eerst klein zal zijn, zal eenmaal groot worden. Wie met Loisy zegt, dat er tegenspraak bestaat tusschen de Evangelie-prediking en de definitieve ontwikkeling, die het Rijk Gods na zijn openbaring kreeg, hij wil weer gelooven in een soort openbaring, waar Christus niet van wilde weten; hij verwacht instede van een geleidelijke ontwikkeling een theatrale gebeurtenis, instede van een normalen groei een plotselingen ommekeer. De Evangelie-prediking zelf, die men hier vindt weergegeven als een klein zaadje, zal zich ook ontwikkelen tot een grooten boom. Zeker, wanneer men het uitgangspunt gaat vergelijken met een of ander tijdstip van de verdere ontwikkeling, dan zal men getroffen zijn door de groote tegenstelling; het Rijk Gods zal zich naar buiten hebben uitgebreid, maar die uitbreiding zal hebben plaats gehad door eigen kracht; het Rijk Gods zal blijven, wat het was. In de vogelen des hemels, die nestelen in zijn takken, kon men gemakkelijk het beeld zien van de menschen, die zouden luisteren naar Jesus' leer. Zoo werden de eerste toehoorders onderricht en gewaarschuwd tegen de ergernis, waaraan de Joden aanstoot zouden nemen.
Wij zien deze onderrichting als een prophetie, die in vervulling ging. Wij hebben in de geschiedenis kunnen volgen het bescheiden begin en de ontwikkeling van het Rijk Gods; wij hebben kunnen zien, hoe het zich voortplantte van synagoog tot synagoog, van land tot land en hoe het overging van de vijandige Joden naar de heidenen vol minachting. Wij hoeven slechts de oogen te openen, om te zien, hoe het gevestigd is in heel de wereld, hoe het tot schuilplaats strekt voor zoovele zielen, die slechts voor God leven, hoe het tot zich roept en verwacht alle volkeren, die zijn gerechtigheid willen beoefenen en den vrede willen smaken.

De parabel van den zuurdeesem.

Lc. XIII 20-21. Matth. XIII 33.

Het beeld van het mosterdzaadje, boom of, zooals wij zouden zeggen, struik geworden, duidde op de uitbreiding van het Rijk Gods. Gedeesemd brood is niet veel grooter dan ongedeesemd, maar het heeft een anderen smaak. Iedereen vindt het beter. Het Rijk Gods zal dus zijn als een verborgen kracht, daar het vermengd is met het meel, maar een werkdadige kracht, daar de uitwerking zich in alle deelen van het deeg doet gevoelen. En voorzeker zou het Rijk Gods, zooals men zich dat voorstelde, een beter rijk zijn: de Israëlieten waren reeds goed en de heidenen zouden zich bekeeren. Maar de droomende zieners hadden geen idee van een inwendige kracht, die zou werken op de ziel of onder de menschen. Zelfs de Rabbijnen, die niet uitgepraat kwamen over de gedaanteverwisseling van planten, dieren en menschen, spreken niet over deze kracht Gods; en toch is die kracht, volgens Paulus, het heele Evangelie.
Ook hier weer luidt een heel eenvoudige vergelijking van Jesus de leer van Zijn grooten Apostel in; zij doet zich aan ons voor als een prophetie.
Hoe wonderbaar de uitbreiding van het Evangelie ook zij, wij moeten erkennen, dat ook een andere leer, zooals de Islam, onder onze oogen stand hield. Maar die andere leer heeft geen ingang gevonden door de kracht van innerlijke overtuiging; haar overwicht dankte zij oorspronkelijk slechts aan het materieel geweld. Ga daartegenover eens na, in welke omstandigheden de zuurdesem van de christelijke leer is neergelegd met het doel de geesten te verlichten, de zeden te verbeteren, de sociale verhoudingen te regelen en de scheiding der zielen te weeg te brengen.
Grote woorden dus van Pater Lagrange! Ze zijn een belangrijke hulp bij het begrijpen van deze parabelen en er ook de betekenis in herkennen voor onze tijd.

zaterdag 17 november 2012

Gebeden ter voorbereiding op de Mis

De meesten van u zullen wel weten dat de Kerk gebeden heeft samengesteld die haar priesters en ook de gelovigen worden aanbevolen ter voorbereiding op de H. Mis en de H. Communie. Deze gebeden bestaan hoofdzakelijk uit vijf psalmen en daaropvolgend verzen met responsen en de gebeden. Er is echter ook een prachtig gebed van de H. Thomas van Aquino.

Omnipotens sempiterne Deus, ecce, accedo ad sacramentum unigeniti Filii tui, Domini nostri Jesu Christi; accedo tamquam infirmus ad medicum vitae, immundus ad fontem misericordiae, caecus ad lumen claritatis aeternae, pauper et egenus ad Dominum caeli et terrae. Rogo ergo immensae largitatis tuae abundantiam, quatenus meam curare digneris infirmitatem, lavare foeditatem, illuminare caecitatem, ditare paupertatem, vestire nuditatem: ut panem Angelorum, Regem regum et Dominum dominantium, tanta suscipiam reverentia et humilitate, tanta contritione et devotione, tanta puritate et fide, tali proposito et intentione, sicut expedit saluti animae meae. Da mihi, quaeso, Dominici Corporis et Sanguinis non solum suscipere sacramentum, sed etiam rem et virtutem sacramenti. O mitissime Deus, da mihi Corpus unigeniti Filii tui, Domini nostri Jesu Christi, quod traxit de Virgine Maria, sic suscipere, ut corpori suo mystico merear incorporari, et inter ejus membra connumerari. O amantissime Pater, concede mihi dilectum Filium tuum, quem nunc velatum in via suscipere propono, revelata tandem facie perpetuo contemplari: Qui tecum vivit et regnat in unitate Spiritus Sancti, Deus: per omnia saecula saeculorum. Amen. Almachtige, eeuwige God, zie, ik nader tot het Sacrament van uw enige Zoon, onze Heer, Jezus Christus. Ik nader als een zieke tot de Geneesheer van het leven, een onreine tot de Bron van barmhartigheid, een blinde tot het Licht van de eeuwige luister, een arme en behoeftige tot de Heer van hemel en aarde. Ik vraag daarom de overvloed van uw onmetelijke mildheid mijn zwakheid te willen genezen, mijn smetten af te wassen, mijn blindheid licht te schenken, mijn armoede rijkdom te maken, mijn naaktheid te bekleden. Moge ik zo het Brood der engelen, de Koning der koningen en de Heer der heersers met zo grote eerbied en nederigheid ontvangen, met zulk een berouw en godsvrucht, zulk een zuiverheid en geloof, zulk een voornemen en inzicht, als goed is voor het heil van mijn ziel. Laat mij, vraag ik U, niet alleen ontvangen het Sacrament van het Lichaam en Bloed van de Heer, maar ook het wezen van het Sacrament met al zijn macht. O zachtmoedige God, laat mij het Lichaam van uw enige Zoon, onze Heer, Jezus Christus, dat Hij heeft aangenomen uit de Maagd Maria, zo ontvangen, dat ik in zijn mystiek lichaam mag worden ingelijfd en onder zijn ledematen geteld. O allerbeminnelijkste Vader, laat mij uw beminde Zoon, die ik nu op mijn levensweg verborgen wil ontvangen, eens eeuwig mogen zien als de sluiers van zijn aanschijn zijn weggevallen. Die als God met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

donderdag 1 november 2012

Allerheiligen

Mijn missaal vermeldt over dit feest:
"Hoogfeest van Allerheiligen
Dubbel 1e kl. - Wit

Het feest van de gemeenschappelijke viering van de heiligen is reeds zeer oud. De Oosterse Kerken vieren het feest van Allerheiligen op de eerste zondag na Pinksteren, wat schijnt ontstaan te zijn in Antiochië. Ook Rome heeft dat feest gekend. In de 7e eeuw werd het vervangen door het feest van de kerkwijding van het oude Pantheon (tempel van alle goden), dat toegewijd werd aan Maria en de heilige martelaren wier relieken daarheen waren overgebracht. Gregorius IV (827-844) heeft dit feest met vigilie en octaaf vastgesteld op 1 november.

Allerheiligen heeft een zeer diepe betekenis, omdat het ons wijst op de voltooiing van het verlossingswerk van Christus in zijn ledematen. Het is voor ons een feest van vertrouwen door het voorbeeld van de heiligen, die, mensen zoals wij, de weg van Christus hebben gevolgd tot het einde.

Het is voor ons een feest van fierheid en zekerheid, omdat wij weten dat de eeuwige glorie het einddoel is van alle menselijk streven en dat niets ons hart volkomen kan bevredigen dan alleen God, want God heeft ons voor zich geschapen (Sint-Augustinus). Op het einde van het kerkelijk jaar moet dit feest ons doen nadenken over de zin van het leven; Christus geeft daarvan de diepe houding weer in het evangelie over de acht zaligheden, die hun bekroning vinden in zijn jubelende belofte: "Verheugt en verblijdt u, want overvloedig is uw loon in de hemel!""
Christus troont in de Hemel; Hem omringen de rangen der Engelen en Heiligen. Beneden wordt het Paradijs weergegeven met de schoot van Abraham en de Goede Dief.

Verder geeft het missaal ter overweging de volgende tekst:
"Toen zag ik een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. En de heilige Stad, een nieuw Jerusalem, zag ik neerdalen van God uit de hemel, getooid als een bruid die zich gesierd heeft voor haar man. En ik hoorde van de troon een machtige stem, die sprak:

"Zie, de woonstede van God is bij de mensen; Hij zal bij hen wonen en zij zullen zijn volk zijn; God zelf zal bij hen zijn.
Hij zal alle tranen van hun ogen wegwissen; er zal geen dood meer zijn en geen rouw, geen geween en geen smart; want het vroegere is voorbij!"

En die op de troon gezeten is, sprak: "Zie, Ik maak alles nieuw!"

H. Johannes: Openbaring, 21, 1-5"

zondag 28 oktober 2012

Feest van Christus Koning

Ik zal hier weergeven wat mijn missaal (1956) over dit feest te vermelden heeft. Tegenwoordig is dit een feest van de 1e klasse. In de NOM wordt het gevierd op de laatste zondag van het kerkelijk jaar.

"De laatste zondag van oktober.
Feest van Jesus Christus Koning.
Dubbel 1e kl. - Wit

Christus is Koning. De liturgie van Kerstmis en vooral van Driekoningen wordt door deze gedachte gedragen. Wij vinden haar terug op Goede Vrijdag bij de aanbidding van het Kruis en zij viert haar hoogste triomf op het Paasfeest en in heel de paasliturgie. In de nieuwere tijden doet het feest van het H. Hart ons daaraan denken. Maar toch heeft de Kerk een bijzonder feest willen instellen voor het koningschap van Christus. Nu de moderne wereld God volkomen wil uitschakelen uit het openbare leven en er voor Christus geen plaats meer is, heeft Pius XI, die de grote bestrijder was van deze dwalingen en de christelijke gedachte als leidraad nam voor een nieuwe wereld, in het jaar 1925 dit feest ingesteld en geplaatst in de hoogste rangorde van de kerkelijke feesten.
Want Christus is Koning. Niet alleen omdat Hij als God heer en meester is over het heelal, maar omdat Hij door zijn menswording en zoendood ons tot zijn bezit heeft verworven en het recht heeft ons te leiden en te besturen en ook te oordelen op het einde van de tijden. Daarom vragen wij vandaag met de H. Kerk in de heerlijke prefatie, dat het rijk van Christus moge komen, "het rijk van waarheid en leven, van heiligheid en genade, van rechtvaardigheid, liefde en vrede". "



De prefatie van Christus Koning luidt:
"Waarlijk passend en rechtvaardig is het, billijk en heilzaam, dat wij U, Heer, heilige Vader, almachtige, eeuwige God, altijd en overal danken. Want Gij hebt uw eniggeboren Zoon, onze Heer Jesus Christus, de eeuwige Hogepriester en Koning van het heelal, met vreugdeolie gezalfd, opdat Hij zich als een vlekkeloos en vredebrengend offer op het altaar van het kruis zou opdragen en daardoor het geheim van 's mensen verlossing voltrekken; en opdat Hij, door alle schepselen aan zijn macht te onderwerpen, aan uw oneindige majesteit een eeuwig en allesomvattend rijk zou overdragen: een rijk van waarheid en leven, een rijk van heiligheid en genade, een rijk van rechtvaardigheid, liefde en vrede. En daarom zingen wij met de engelen en aartsengelen, met de tronen en heerschappijen en met al de hemelse heerscharen het loflied van uw heerlijkheid, zonder ophouden zeggend: Heilig, heilig, heilig zijt gij, Heer, God der heerscharen. Hemel en aarde zijn vol van uw heerlijkheid. Hosanna in den hoge. Gezegend Hij die komt in de naam des Heren. Hosanna in den hoge."

Vandaag wordt tevens de toewijding aan het Allerheiligst Hart van Jezus gebeden.
"Allerzoetste Jesus, Verlosser van het mensdom, zie op ons neer, nu wij in alle ootmoed voor uw altaar (buiten het kerkgebouw: voor uw aanschijn) zijn neergeknield. Wij behoren U toe en wij willen U ook toebehoren; maar, om nog inniger met U verenigd te worden, wijdt ieder van ons zich heden vrijwillig toe aan uw allerheiligst Hart.
Velen hebben U nooit gekend, velen hebben uw geboden veracht en zich van U afgekeerd.
Allergoedertierenste Jesus, heb medelijden met al deze mensen en trek hen allen tot uw heilig Hart. Heer, wees Koning, niet alleen over de getrouwen, die zich nooit van U hebben verwijderd, maar ook over de kinderen, die, als de verloren zoon, U hebben verlaten. Maak, dat ze spoedig terugkeren naar het vaderhuis en dat ze niet omkomen van ellende en honger.
Wees Koning over hen, die door dwaling zijn misleid of door scheuring zijn afgescheiden. Breng hen terug in de haven van de waarheid en tot de eenheid van het geloof, opdat er weldra één kudde zal zijn en één herder.
Wees de Koning over allen, die nog ronddolen in de duisternis van het heidendom of de Islam, en leid hen tot uw licht en uw rijk.
Sla uw barmhartige ogen op de kinderen van het volk, dat zo lang uw uitverkoren volk is geweest. En moge het Bloed, dat weleer over hen is afgeroepen, ook nu over hen neerkomen, maar dan als een doopsel van verlossing en van leven.
Heer, geef aan uw Kerk ongestoorde vrede en vrijheid. Schenk aan alle volken rust en orde. Geef, dat over de gehele aarde eindelijk deze éne kreet weerklinke: Eer aan het goddelijk Hart, dat ons tot heil heeft gebracht! Aan dat Hart zij eer en lof in eeuwigheid!
Amen."

zondag 21 oktober 2012

21e zondag na Pinksteren

Aangezien de meeste mensen wel beschikking hebben over een missaal maar niet over een diurnale, hierbij de teksten van deze zondag:

Antifoon voor het Magnificat in de eerste vespers:
Exaudiat Dominus * orationes vestras et reconcilietur vobis nec vos deserat in tempore malo Dominus Deus noster.

Vertaling:
Moge de Heer uw gebeden verhoren en verzoening met u tot stand brengen; en u niet verlaten in slechte tijden, de Heer, onze God.

Gebed:
Familiam tua, quaesumus, Domine, continua pietate custodi: ut a cunctis adversitatibus, te protegente, sit libera, et in bonis actibus tuo nomini sit devota. Per Dominum.

Vertaling:
Wij bidden U, Heer, wil in uw vaderlijke goedheid uw Kerk voortdurend behoeden, opdat zij onder uw bescherming bevrijd blijve van alle onheil en zich door goede werken aan uw naam toewijde. Door onze Heer.

Antifoon voor het Benedictus in de lauden:
Dixit autem * dominus servo: Redde quod debes. Procidens autem servus ille rogabat eum dicens: Patientiam habe in me, et omnia reddam tibi.

Vertaling:
De heer zei echter tot de dienaar: Betaal wat gij schuldig zijt! Maar de dienaar viel voor hem neer en smeekte: Heb geduld met mij, en ik zal u alles betalen!

Antifoon voor het Magnificat in de tweede vespers:
Serve nequam, * omne debitum dimisi tibi, quoniam rogasti me; nonne ergo oportuit et te misereri conservi tui, sicut et ego tui misertus sum? alleluja.

Vertaling: Slechte knecht! Heel uw schuld heb ik u kwijtgescholden, omdat gij mij er om gevraagd hebt; moest gij dan ook geen medelijden hebben met uw medeknecht, zoals ik medelijden heb gehad met u? alleluja.